Kapucijners (blauwschokkers)

Blauwschokkers of raasdonders zijn kapucijners. Ze zijn maar een paar weken per jaar vers te krijgen en zien er prachtig uit vanwege hun paarse peulen. Verse kapucijners zijn een traktatie. Kook ze kort in weinig water. Eigenlijk hebben ze aan een klont boter en een beetje zout al genoeg. Gedroogde kapucijners zijn typisch Nederlands, die vind je niet in andere landen.

Ensalada rusa 'holandesa'

Toen ik jaren geleden in Spanje studeerde, was ensalada rusa één van mijn favoriete tapas. Dit is een versie die de tonijn die er traditioneel inzit, overbodig maakt.

Het snijwerk en blancheren is best een klusje maar daar staat dan weer een simpel sausje van kant-en-klare mayonaise (Hellman lijkt het meest op de mayo die ze in Spanje gebruiken!) tegenover! En, kapucijners kun je natuurlijk vervangen door verse of diepvries doperwten.

Snijd vier worteltjes, drie stengels bleekselderij, twee meiknolletjes en vier aardappels in mooie kleine blokjes. Ik heb spunta aardappels gebruikt, dat zijn erg lekkere aardappels. Haal de roosjes zonder steeltjes van een kwart bloemkool en dop een half pond verse kapucijners (doperwten zijn ook prima!)

Blancheer alle groenten kort in kokend water met zout. De kooktijd varieert tussen de vijf en tien minuten. Proef steeds even en zorg ervoor dat de groenten al dente blijven. Gebruik een schuimspaan om de groenten uit het water te halen.

Laat de geblancheerde groenten afkoelen op een theedoek (of in ijswater als je het echt serieus wilt aanpakken) en doe ze in een grote schaal. Maak een saus van drie volle eetlepels mayonaise, één a twee eetlepels citroensap en zwarte peper en schep de saus voorzichtig door de groenten. Zet een uurtje in de ijskast en serveer koel.

Verse kapucijners en doperwten met bosui en munt

Verse kapucijners en verse doperwtjes zijn net snoepjes. Ze zijn zoetig en combineren wonderwel. Ik heb voor dit recept twee keer zoveel kapucijners genomen als doperwten. Zo bleef het zoete binnen de perken.

Dop een kilo kapucijners en een pond doperwten. Snijd drie bosuitjes in ringen en bak ze samen met twee teentjes verse knoflook zachtjes in een laagje olijfolie. Doe er als de uitjes zacht zijn een scheutje witte wijnazijn, een theelepeltje suiker en een snuf zout bij.

Voeg de kapucijners en de doperwten bij de uitjes en bak ze een minuutje mee op zacht vuur. Gooi er een borrelglaasje water bij om de kapucijners en doperwten in te laten garen. Vul dat zo nodig aan met nog een paar eetlepels maar zorg ervoor dat het niet te waterig wordt! De kapucijners hebben een minuut of tien nodig. Doperwten iets minder. Proef nog even of er genoeg zout in zit.

Serveer de kapucijners warm en doe er op het laatst zoveel fijngesneden munt door of overheen als je lekker lijkt. Wacht daarmee tot het allerlaatst want de muntblaadjes verkleuren door de warmte!